Mitchell voelt zich wat beter en gaat vol goede moed beginnen met zijn nieuwe medicatie. Het is een héle lage dosering en dat geeft hem vertrouwen. Hij is erg vrolijk en de grappen en gekkigheid komen weer naar boven. Drie dagen later merk ik alweer iets aan Mitchell. Wanneer het de vierde dag is, vraag ik hem hoe het gaat met zijn medicatie. Hij vindt het lastig om te vertellen merk ik. Daarom geef ik aan dat hijzelf de keuze moet maken om wel of niet te slikken.
Er woedt alweer een tornado van de hoogste categorie in zijn hoofd. “Mam, ik weet dat het een hele lage dosering is en dat het waarschijnlijk nog helemaal geen bijwerkingen kan geven, maar mijn brein zegt iets heel anders.” Dat is precies het hele eieren eten. Hij maakt zichzelf helemaal gek en weet ook gewoon dat dit alleen in zijn brein afspeelt. Maar ja, hij moet hier wel mee dealen. Dit is precies hoe het bij Mitchell in het hoofd werkt. Jos en ik hebben geleerd, dat wij eigenlijk beter ons mond kunnen houden en niet meer zeggen dat hij het zo opnieuw geen kans geeft. Dit weet Mitchell namelijk zelf ook maar al te goed.
De planning was dat Mitchell het middel zou slikken totdat hij naar de specialistisch arts zou moeten. Hij redt dit dus niet want hij is alweer gestopt. Wanneer Mitchell naar deze arts moet, gaat Jos met hem mee. Die arts begrijpt het verhaal van Mitchell. Nu heeft hij een receptje gekregen voor een medicijn wat eigenlijk is bedoelt als anti-allergiemiddel maar wordt ook voor onrust gebruikt. Het kan wel wat slaperig maken, zo vertelt Mitchell me. Daarom is het handig dat hij deze pil in de avond gaat innemen, want Mitchell is een nachtbraker omdat de slaap voor enen sowieso al nooit vat op hem krijgt. Mitchell hoeft dit medicijn ook niet elke dag in te nemen, waar hij erg content mee is.
Jos is met Mitchell meegegaan omdat het met mij dan weer niet lekker gaat. De druk op de borst is weer toegenomen en ik ben hondsmoe. Niet zo gek, ik slaap amper. Een paar dagen voor Mitchells artsbezoek was ons altijd zo gezellige dorpsfestival. Zowel zaterdag als zondag heb ik er een rondje gemaakt en heb met diverse vriendinnen en bekenden staan kletsen. De feesttent of podium in de avond, sla ik al jaren over. Dat lukt me helaas al lang niet meer en die acceptatie is er. Wanneer Jos en ik twee dagen later bij de supermarkt een bekende tegenkomen staan we een poosje te kletsen. Daarna op onze plaatselijke markt, raken we weer in gesprek met een bekende. Dat is precies wat ik zo leuk vind in ons dorp en dat had ik ook van het weekend tegen Jos gezegd. Waarop hij dan weer antwoordde dat ik toch nooit meer bij ‘ze’ ga zitten. Met ‘ze’ bedoelde hij de vriendinnengroep. Overigens had hij dit niet als verwijt of iets gezegd, maar meer als constatering.
Om weer op de markt terug te komen; we staan dus met zijn drieën te praten en ik voel zo ineens, alle energie uit me stromen. Ik word moe en misselijk. Omdat de rij bij de kaasboer alleen maar aan het groeien is, zegt onze bekende nu toch maar in de rij te willen gaan staan. Gelukkig hadden wij alle boodschapjes al en ik was dan ook heel blij dat we naar de auto terug liepen.
Wanneer ik naast Jos in de auto zit ben ik nog steeds misselijk en voel me heel naar. Ik kijk in het spiegeltje van de zonneklep en zie spierwit. Ik heb hierdoor meteen een bruggetje om tegen Jos te zeggen dat hij nu de reden letterlijk ziet, dat ik niet meer bij de vriendinnenclub aanschuif op zo’n druk festivalterrein met ook nog eens keiharde muziek. Nu moeten jullie weten dat ik wel van een feestje en lekker kletsen hou, maar dat dit dus gewoonweg niet meer te doen is. Jos begrijpt dit echt wel, maar zegt dat het echt niet normaal is dat ik niet eens een gesprek met meerdere mensen kan aangaan. Lang verhaal kort, ik ga verschillende onderzoeken krijgen, maar de wachtlijsten zijn lang. Wel was het hartfilmpje goed, dus ik knijp er niet ineens tussenuit hoor.
Een paar dagen later krijgt Jos een brief van het bevolkingsonderzoek darmkanker. Er moeten vervolgonderzoeken komen en de afspraak is al door de Maag Darm en Lever kliniek ingeschoten. Even had Jos de schrik erin, maar in de loop van de dag bleek dat veel minder te zijn geworden na mijn vraag of hij er erg mee bezig is. Ikzelf ben natuurlijk ook erg geschrokken en ben eerlijk dat ik ook wel even dacht: deze zorg kan er ook nog wel bij hoor…
Het is woensdag en vandaag zitten we voor mij in de MDL-Kliniek omdat ik een maagonderzoek krijg. Fijn dat ik voor een roesje ben gegaan, zijn mijn gedachten wanneer ik in het bed lig. Het blijkt dat ik een breukje heb en het klepje van de slokdarm naar de maag niet goed sluit. Zo ‘mag’ ik weer een nieuw medicijn aan mijn medicijnenbakje toevoegen. Maarrrr, de druk op de borst gaat weg en lijkt weg te blijven! De volgende dag, rijden we opnieuw naar de MDL-kliniek voor de lange intake ten behoeve van het darmonderzoek van Jos, wat over drie weken gaat plaatsvinden.
Dan is het de avond voor ik naar de wandeling ga van ‘Walk into the light.’ De jaarlijkse, landelijke vroege ochtendwandeling tijdens de Wereld Suïcide Preventieweek om stil te staan bij suïcidaliteit en het belang van preventie. Het is het tweede jaar dat onze gemeente eraan meedoet. Tevens het tweede jaar dat ik mee loop.
De wekker zet ik op 04.30 uur, maar ik word om 4 uur in de ochtend (of is het dan nog nacht?) al wakker. Ik neem nog een beschuitje en stap in mijn auto om richting Dronten te rijden. Wanneer ik bij de ontmoetingsplaats aan kom word ik hartelijk welkom geheten en krijg ik een geel lintje. Er is best een grote opkomst en er staat al een aardige club mensen buiten voor het gebouwtje. Ik besluit om ook even naar binnen te lopen. Daar komt een jonge vrouw naar mij toe. Deze vrouw zegt mij al een poos te volgen op de facebookpagina en website. De vrouw schrijft gedichten en zij is gevaagd om onderweg een zelfgeschreven gedicht voor te dragen. Moedig, vind ik.
Na een woordje van de organisatie en van de wethouder van onze gemeente, gaan we aan de wandel. Ik loop een stukje alleen en dan lopen de dichteres en ik ineens naast elkaar. We raken in een diep gesprek. Ook zij heeft haar eigen verhaal. Het open gesprek zorgt ervoor dat ik mij verbonden voel met haar. Dan komen we op de plek waar zij haar gedicht voor gaat dragen. Poeh zeg, wat komt dat gedicht binnen… en niet alleen bij mij. Nadat de dichteres klaar is loop ik naar haar toe om te bedanken. Ja hoor, daar komen mijn tranen op. We staan in een omhelzing en ik laat mijn tranen behoorlijk de vrije loop. Als we elkaar daarna aankijken, zie ik dat ook haar ogen vochtig zijn. We vervolgen onze route weer naast elkaar. Ik vraag de dichteres of ik het gedicht mag hebben voor Mitchell en zij geeft direct het inmiddels opgevouwen gedicht aan mij.
We vervolgen onze route langs de haven en voor we het weten zijn we alweer terug. We pakken wat lekkernijen van het goed verzorgde ontbijt en gaan met zijn tweeën aan een tafeltje zitten. Het voelt al zo vertrouwd met deze lieve dichteres, dat ik ook iets met haar deel waar ik niet over schrijf. Dan staat de dame waarmee de dichteres mee terug moet rijden aan ons tafeltje en nemen we afscheid. Ik praat nog wat met twee dames van de organisatie, die mijn pagina ook blijken te volgen. Dan bedank ik alle dames voor de organisatie en goede zorgen, en ga ik ook naar huis.
Thuis gekomen lees ik nog eens het gedicht door. Intens, mooi en krachtig. Bijna komen er weer traantjes. Als Mitchell uit bed komt leest hij gelijk het gedicht. Hij laat zijn ogen over iedere regel glijden. Nadat hij de laatste regel heeft gelezen zegt hij dat het hem raakt. "Heeft zij heel mooi geschreven", besluit hij dan ook.
Volg ons op Facebook
Reactie plaatsen
Reacties
Heel normaal hoor, die traantjes. Hier ook geregeld bij muziek!
Muziek kan ook diep raken...